“Wees zichtbaar, schep kaders en zet in op gedeelde verantwoordelijkheid bij je publiek”
Externaliserend probleemgedrag bij jongeren lijkt toe te nemen. Dat blijkt onder meer uit de resultaten van de Public Mental Health-monitor van Zorgnet-Icuro. Zeker in het nachtleven en het jeugdwerk zien organisaties heel wat uitdagingen opduiken: van impulsief gedrag en middelengebruik tot grensoverschrijdend gedrag. In Antwerpen slaan CGG VAGGA en cultuurhuis Trix al jaren de handen in elkaar om hier preventief op in te spelen. Preventie- en veldwerker Sebbe Vaessen (CGG VAGGA) en coördinator educatie en talentontwikkeling Melissa Janssen (Trix) vertellen hoe zij dit aanpakken.
Waarom zetten jullie in op preventie in het jeugdwerk en nachtleven?
Sebbe Vaessen: “Het unieke is dat wij als centrum geestelijke gezondheidszorg (CGG) preventie en behandeling combineren. Wij ondersteunen organisaties als Trix om sterker te staan in het omgaan met thema’s als middelengebruik, impulsief gedrag en grensoverschrijdend gedrag. We coachen hen niet alleen met kennis, maar ook met praktische handvatten om een veilige omgeving te creëren. Het doel is altijd hetzelfde: voorkomen dat kleine signalen niet ondervangen worden en uitgroeien tot ernstige problemen.”
Melissa Janssen: “Voor ons bij Trix was het belangrijk om niet pas te reageren als er incidenten waren. We wilden proactief werken aan welzijn. Zeker in het nachtleven, waar jongeren losser zijn en grenzen sneller vervagen, is dat essentieel. Door samen een preventiebeleid uit te werken, zetten we veiligheid, respect en zorgzaamheid echt centraal.”
Hoe merk je in de praktijk dat externaliserend gedrag toeneemt?
Melissa Janssen: “We zagen na corona duidelijk dat een nieuwe generatie jongeren minder ervaring had met samen uitgaan. Er ontbrak een fase waarin ze hadden leren omgaan met groepsdruk en het leren kennen en afbakenen van hun eigen grenzen. Dat leidde soms tot bruter gedrag of meer risicovol middelengebruik. Intussen is dat weer wat genormaliseerd, maar die kwetsbaarheid blijft aanwezig.”
Sebbe Vaessen, preventiewerker VAGGA: “Wacht niet tot er incidenten zijn. Preventie moet in het DNA van je organisatie zitten”
Sebbe Vaessen: “Je merkt ook een bredere maatschappelijke tendens: jongeren zijn mondiger, en zij, en ook hun omgeving, verwachten actie rond thema’s als grensoverschrijdend gedrag of druggebruik. Een organisatie moet duidelijk maken dat ze hun veiligheid, welzijn en gezondheid serieus neemt. Wat vroeger een aanvoelen was of impliciet aanwezig bleef, moet nu expliciet en zichtbaar worden gemaakt. Het komt erop aan dat organisaties actief een rol opnemen in de ondersteuning van jongeren en mee proberen positief gedrag te bevorderen. Vooral bij externaliserende problematieken is werken op louter veiligheid of het beschermen van jongeren onvoldoende duurzaam.”
Wat zijn effectieve manieren om jongeren preventief te ondersteunen?
Sebbe Vaessen: “Eerst en vooral: breek de anonimiteit. In Trix wordt iedereen bij elk event persoonlijk verwelkomd – letterlijk en luidop – aan de toegangsdeuren. Vrijwilligers en medewerkers leggen uit wat de huisregels zijn, wie aanspreekbaar is en dat we samen zorg dragen voor elkaar. Dat zet meteen de toon.”
Melissa Janssen: “Daarnaast zetten we sterk in op opleiding. Niet alleen voor vrijwilligers die in het weekend komen helpen, maar ook voor ons vast personeel. Ze leren signalen herkennen van overmatig gebruik of grensoverschrijdend gedrag, en hoe ze discreet kunnen ingrijpen of hulp inschakelen.”
Sebbe Vaessen: “Communicatie is ook cruciaal. Al voor een event begint, weten bezoekers via de website en nieuwsbrieven waar Trix voor staat. Ze zien dat er meldpunten zijn, dat er careteams rondlopen. Dat maakt welzijn en gezondheid tot iets normaal, niet iets dat pas opkomt als het misgaat.”
Sfeerbeheer en aanspreekbaarheid
Wat zijn typische risico’s die jullie zien?
Sebbe Vaessen: “Uitgaanssettings brengen veel samen: eerste ervaringen met alcohol, drugs, seksualiteit, groepsdynamiek. De meeste jongeren experimenteren zonder zware gevolgen, maar sommigen raken sneller in de problemen, zeker als er geen duidelijk kader is. Vooral impulsief gedrag, peer pressure en grensoverschrijdende situaties vragen aandacht.”
Melissa Janssen: “We merken ook dat jongeren soms niet goed weten waar hun grenzen liggen. Of dat ze die van anderen niet altijd respecteren. Door te investeren in sfeerbeheer en aanspreekbaarheid, zorgen we ervoor dat mensen sneller hulp zoeken als er iets niet goed voelt.”
Wat maakt het verschil tussen losse acties en een structurele aanpak?
Sebbe Vaessen: “Preventie moet een integraal deel zijn van je organisatiecultuur. Losse workshops zijn goed om bewustzijn te creëren, maar veranderen gedrag niet blijvend. In Trix is preventie verweven in alles: onthaal, communicatie, opleiding, eventorganisatie. Het is deel van hun DNA.”
Melissa Janssen, educatiecoördinator Trix: “Veilig uitgaan begint bij een warm welkom, niet bij huisregels op papier”
Melissa Janssen: “We verwachten van iedereen die werkt of vrijwilligerswerk doet bij Trix dat ze onze visie onderschrijven. Respect en zorgzaamheid zijn geen eventuele optie, ze zijn essentieel. Dat maakt dat bezoekers zich welkom en veilig voelen, en dat voorkomt veel problemen.”
Hoe werkt de samenwerking tussen Trix en CGG VAGGA concreet?
Sebbe Vaessen: “VAGGA is in zee gegaan met tal van organisaties. We vertrekken altijd vanuit hun vraag. Waar lopen ze tegenaan? Wat willen ze bereiken? Vervolgens bieden we coaching, opleidingen en advies. Samen denken we na over hoe preventie in de werking kan worden geïntegreerd. Dat gaat van eenvoudige maatregelen zoals een warm onthaal, tot meer complexe zaken zoals een meldpunt voor grensoverschrijdend gedrag.”
Melissa Janssen: “Het fijne aan werken met Sebbe en VAGGA is dat het altijd op maat gebeurt. Er wordt niet zomaar een theoretisch model opgelegd. Ze luisteren naar onze realiteit als cultuurhuis en bouwen daarop verder.”
Welke evoluties zien jullie in het bredere werkveld?
Sebbe Vaessen: “De verwachtingen zijn gestegen. Jongeren, media en de samenleving als geheel vragen terecht meer verantwoordelijkheid van organisaties. Er is geen excuus meer om veiligheid, inclusie en welzijn niet serieus te nemen.”
Melissa Janssen: “Dat brengt uitdagingen met zich mee, zeker voor organisaties die vooral gebouwd zijn rond artistieke of recreatieve doelen. Maar het brengt ook kansen: wie zijn huis op orde heeft rond welzijn en preventie, versterkt zijn band met het publiek.”
Sebbe Vaessen: “Bovendien werken initiatieven zoals careteams of peer-support niet alleen preventief, ze verhogen ook de verbondenheid en het respect tussen bezoekers onderling. Dat maakt uitgaan niet minder leuk, maar net aangenamer.”
CGG-preventiewerk als motor voor gezonde jongeren
De Vlaamse centra voor geestelijke gezondheidszorg (CGG) vervullen een unieke rol in het preventieve gezondheidsbeleid. Ze zijn erkend als terreinorganisaties volgens het Preventiedecreet en combineren preventieve interventies met ambulante behandelingen. Die bundeling van expertise zorgt ervoor dat ze kunnen inspelen op actuele maatschappelijke noden, zoals de stijging van externaliserend probleemgedrag bij jongeren.
Wat doen de CGG?
CGG-preventieteams ondersteunen organisaties zoals scholen, jeugdhuizen, zorginstellingen, bedrijven en politiediensten. Ze maken intermediairs deskundiger in het vroegtijdig detecteren van psychische problemen en het gepast reageren op signalen van middelengebruik, suïcidaliteit of externaliserend gedrag zoals agressie of impulsiviteit.
Het CGG-preventiewerk focust niet op eenmalige interventies, maar op duurzame trajecten. Ze begeleiden organisaties bij het opbouwen van een preventiebeleid dat breed gedragen wordt binnen de werking. Daarbij combineren ze evidence-based richtlijnen met praktijkervaring, wat leidt tot doeltreffende en realistische maatregelen.
Focus op nieuwe uitdagingen
Naast klassieke thema’s zoals verslaving en depressie, merken de CGG een toename van externaliserende problematieken zoals zelfverwonding, agressief gedrag en impulscontroleproblemen. Die evolutie onderstreept het belang van vroegdetectie, proactieve ondersteuning van jongeren én versterking van de omgevingen waarin ze opgroeien.
CGG als ‘hub’
Door hun verankering tussen eerste en derde lijn zijn de CGG ideaal geplaatst om signalen uit het veld op te vangen en snel om te zetten in acties. Ze zijn actief in lokale netwerken en spelen een sleutelrol in het bouwen van zorgzame omgevingen, door expertise samen te brengen en de samenwerking tussen verschillende actoren te bevorderen.
Waarom deze aanpak werkt
Internationaal onderzoek zou aantonen dat elke euro die in vroegdetectie en preventie wordt geïnvesteerd, vijf euro oplevert in vermeden zorgkosten, minder ziekteverzuim en verbeterd welzijn. Investeren in preventie is dan essentieel om de druk op de geestelijke gezondheidszorg te verlagen en jongeren een gezonde, veerkrachtige toekomst te bieden.
De toekomst
De CGG blijven inzetten op maatgerichte samenwerking, wetenschappelijke onderbouwing en brede inbedding in de lokale realiteit. Met hun holistische en duurzame aanpak proberen ze te bouwen aan een Vlaanderen waarin jongeren sterker, weerbaarder en gezonder kunnen opgroeien.
